Wilt u zelf een warmtescan van uw woning maken dan kunt u terecht bij het Servicepunt. Zodra u een infrarood camera hebt geleend kunt u aan de slag. Maar hoe krijgt u de goede warmtebeelden die u ook informatie bieden voor verdere verduurzaming?
TIP 1 Goede weersomstandigheden
• Bij een buitentemperatuur rond het vriespunt is het verschil met de binnentemperatuur ongeveer 20 graden. Hierdoor worden aanwezige warmtelekken in uw gevel goed zichtbaar.
• Ook mag het ten tijde van de warmtescan niet regenen. Regen ‘verstoort’ namelijk het warmtebeeld.
• Daarnaast kan het zijn dat de zon fel schijnt en hiermee uw gevel plaatselijk opwarmt. Dit verstoort eveneens het warmtebeeld.
TIP 2 Juiste tijdstip
• Kies voor het uitvoeren van een warmtescan voor een moment vroeg in de ochtend (voor zonsopkomst) of laat in de avond (na zonondergang). De gevels zijn dan nog niet opgewarmd of zijn al weer afgekoeld door de zon, en de buitentemperatuur is lager dan overdag.
TIP 3 Hoge binnentemperatuur
• Om het verschil tussen buiten- en binnentemperatuur zo groot mogelijk te maken, dient u uw verwarming op 20 graden te zetten. Zet minimaal 1 uur voor uw warmtescan alle radiatoren open. Hiermee is uw woning algeheel verwarmd en kan er een goed en duidelijk warmtebeeld worden gemaakt. Aanvoer en retour temperatuur
TIP 4 Tijdens de opname
• Stel de camera in op het regenboogpalet. Hierdoor valt makkelijk te begrijpen welke delen warm (rood) en koud (blauw) zijn.
• De warmtecamera werkt met een temperatuurschaal. De laagste en hoogste temperatuur in uw beeld bepalen zodoende de verdeling tussen koud en warm. Als u de camera op automatisch laat staan, past de camera de temperatuurschaal continu aan. – Voordeel: u hoeft zelf alleen de foto te maken. – Nadeel: in geval de buitenlucht zichtbaar is op uw foto, zorgt dit voor een zeer ruime temperatuurschaal. Hierdoor vervallen kleine nuances en zal uw woning in vergelijking positiever kleuren. Het valt dan ook aan te raden meer close-up foto’s te maken en gevelfoto’s zonder buitenlucht. • Let bij glasoppervlakken op reflectie. Deze zijn te herkennen doordat er meerdere kleuren op 1 glasoppervlak zichtbaar zijn. Door de aanwezigheid van reflectie is het warmteverlies niet correct te beoordelen.
TIP 5 Doorstroming radiator
• Maak afzonderlijke foto’s van uw radiatoren nadat deze zijn opgewarmd. U zult zien dat de radiatoren niet op dezelfde manier opwarmen. Zo is het mogelijk dat de ene radiator geheel rood is en de ander enkel aan de bovenzijde warm wordt. Mocht dit bij u het geval zijn, dan raden wij u aan de radiatoren waterzijdig in te (laten) regelen. U kunt bij ons een CV inregelset lenen om zelf mee aan de slag te gaan (uitleenservice)